title:'nederlandse tekst'

  title:'nederlandse tekst'
  title:'English text'

title:'English text'

De geschiedenis van de Shona-beeldhouwkunst

Wie zijn de Shona?

De Shona zijn geen etnische groepering. De betekenis van de naam Shona, zoals wij die nu kennen, is pas ontstaan nadat het koloniale bewind, de stammen die verspreid woonde in het zuidoosten van Zimbabwe en het zuiden van Mozambique, op een hoop heeft geveegd. Daaronder was de stam van de Shona. Nu behoort ongeveer 80% van de Zimbabwaanse bevolking tot de Shona en spreekt een gelijk deel één van de Shona-dialecten. In het Ndebele, een taal gesproken door andere groepen, betekent "abetshona" zoiets als "zij die daar leven". Het is niet zeker, maar men neemt aan, dat "Great Zimbabwe" gesticht is door stammen die nu bij de Shona behoren. Zimbabwe betekent "huis van steen" en "Great Zimbabwe" was een van de eerste plaatsen in Afrika waar met steen gebouwd werd. Het is dan ook een middelpunt van handel geworden, met handelsroutes die liepen tot in China.

De achtergrond van de kunstenaars

In de cultuur van de Shona is religie van groot belang. Alles draait om goede en kwade geesten. De goede geesten zorgen voor de inspiratie die een artiest nodig heeft om zijn talenten tot uiting te brengen. Dit geld uiteraard voor alle kunsten, zoals muziek, dans, schilderkunst, literatuur en natuurlijk ook de beeldhouwkunst. Een speciale opleiding voor deze vorm van kunst is er niet, veel technieken worden overgegeven van vader op zoon. Ook zijn veel beeldhouwers autodidact, iets dat aangeeft hoezeer deze vorm van kunst met de traditie is vergroeid. De steen die gebruikt wordt voor een kunstwerk, wordt bewerkt zonder enige vorm ontwerp. De kunstenaar laat zich leiden door de geest van de steen. Die bepaalt wat het wordt. In elke steen zit een goede geest, die door de kunstenaar alleen bevrijd moet worden.

Hoe is de populariteit van de Shona-beeldhouwkunst ontstaan?

Sommige mensen geven aan dat de stroming al 2000 jaar geleden is begonnen, maar de grote populariteit is begonnen in de vijftiger jaren. Als grote inspirator en voorvechter van de Shona kunst wordt Frank McEwen gezien. Hij werd de eerste directeur van de Rhodes National Gallery in Harare, Later de National Gallery of Zimbabwe. Het was de bedoeling om een expositie te maken van de kunst van de "beschaafde" wereld. Toen hij in contact kwam met kunstenaars die steen bewerkte en daarmee geld verdiende op de toeristische markt, heeft hij deze mensen er van overtuigd om meer Afrikaans te gaan werken en minder Europees of Amerikaans gericht. Door een kunstenaars gemeenschap op te richten, ver van de bewoonde wereld, konden de kunstenaars rustig werken en zich afzijdig houden van het door het toerisme gevraagde standaard werk. Het werk dat hierdoor ontstaan is, is origineel en geeft de gevoelens van de kunstenaar weer. Echt populair is de beeldhouwkunst geworden, toen McEwen in 1971 een tentoonstelling in het Rodin Museum te Parijs organiseerde. Door zijn vele contacten in de kunst wereld heeft hij deze expositie mogelijk gemaakt, en hierdoor is deze stroming in de Afrikaanse kunst voorgoed op de kaart gezet. Omdat McEwen de Afrikaanse kunst liet prevaleren boven de rest van de kunst, is hij in 1973 ontslagen als directeur van de Rhodes National Gallery. Hij bleef echter zijn kunst tot aan zijn dood trouw. De invloed die de Shona kunst heeft gehad op onze kunstenaars is te zien aan het werk van Pablo Picasso, Miro, Henry Moore en onze eigen Corneille. Vele verzamelingen hebben Shona in de collectie, zoals het Museum of Modern Art in New York en natuurlijk het Rodin Museum in Parijs, maar ook privé verzamelingen van bijvoorbeeld de Prince of Wales, Sir David Attenborough en de familie Rockefeller.